ment_darts

Zoek de balans
tussen werk en vrije tijd

De les van de houthakker

Een jonge Canadees besloot dat hij houthakker wou worden, hij was er sterk genoeg voor en het betaalde goed. Na een kort gesprek met de ploegbaas kon hij maandag al aan de slag. Bij dageraad pakte de man met trots zijn nieuwe bijl en zocht de grootste boom uit. Na een paar uur flink slaan sneuvelde de woudreus en stortte ter aarde. Met een goed gevoel zocht de man de volgende “kandidaat” uit en aan het eind van de dag had hij 12 bomen omgehakt. Dit ging de hele week zo door en op vrijdagmiddag was hij moe maar voldaan, 60 bomen waren er deze week geveld. Een mooie prestatie die werd bevestigd door de complimenteuze woorden van de ploegbaas. Zo een sterke houthakker was de ploegbaas nog nooit eerder tegengekomen. Hij was zijn geld zeker waard.

Na een kort weekend en beginnend met een snel maandagochtend ontbijt ging de man met frisse moed aan de
slag. Hij had er zin in. Met de complimenteuze woorden van de ploegbaas nog in zijn achterhoofd beukte hij alweer tegen een nieuwe boom. Hij was vastberaden het record van de vorige week te evenaren. Hij hakte er lustig op los en sloeg voor de zekerheid zijn pauzes over, zo wist hij zeker dat hij die dag weer 12 bomen zou omhakken. “Misschien zouden het er zelfs wel 13 worden, dat zou nog beter zijn”.
Helaas bleek aan het eind van de dag dat hij maar 11 bomen had omgehakt. Met een lichte frons op zijn voor-
hoofd beloofde de man zichzelf dat hij de volgende dag nog harder zou slaan. Wat bleek echter, die hele week lukte het hem niet om boven zijn oude record uit te komen. Het bleven er 12 per dag en op vrijdag waren het er slechts 11. Enigszins boos op zichzelf besloot de man ook op zaterdag te gaan werken om zo zijn “verlies”
te compenseren.

De volgende maandag, bij het krieken van de dag was de man alweer in de benen. Snel een kop koffie achteroverslaand liep hij naar de eerste boom. De man was vastberaden. Hij beukte met al zijn krachten op
de boom en na deze boom snelde hij zich naar de volgende boom. Toen het donker werd had de man slechts 9 bomen omgehakt maar hij besloot het er niet bij te laten zitten. Met blaren in zijn handen en een pijnlijke rug velde hij om middernacht de 10e boom. Boos op zichzelf vroeg de man zich af hoe dit kon. Was hij zijn krachten verloren? Die week gaven de nachten hem niet de rust die hij verdiende. Hij werd geplaagd door
nare gedachten doordat hij zijn zelfopgelegde doelen niet had gehaald. De complimenteuze woorden van de ploegbaas klonken hem nu wrang in de oren. De pijnlijke rug kwam niet tot rust. Het kon de man ook niets schelen, hij moest zichzelf bewijzen en zijn zelf opgelegde targets halen. Rusten kon later wel.

De volgende maandagmorgen was hij bij het krieken van de dag al van bed af. Hij wreef over zijn pijnlijke rug
en prikte de blaren nog eens door. Nog moe van de vorige week pakte hij zijn bijl en sleepte zich naar een boom. Hij hakte er op los terwijl het plezier in het werk bij elke slag minder werd. Hij voelde zich moe maar moest zijn resultaat halen. Na middernacht en zwaar teleurgesteld telde de man zijn bomen. Het waren er 8. Hij kon niet meer. Op vrijdag was hij doodmoe en velde hij met de grootste moeite slechts 7 bomen.
Laat in de middag sleepte de man zich terug naar het kamp en plofte naast de oudste al enigszins kalende houthakker. Hij was doodop.

De oude man ging onverstoorbaar door met het slijpen van zijn bijl. Nadat de bijl vlijmscherp was, werd de steel aan een grondige inspectie onderworpen. Splinters werden weggehaald waarna de steel met was werd ingesmeerd. De jonge houthakker wist dat deze oude baas al jarenlang dagelijks 10 bomen kapte. Elke dag begon de oude om 08.00 uur, nam tussen de middag uitgebreid de tijd om te eten en stopte om 18.00 uur waarna hij zich trouw aan het verzorgen van zijn bijl wijdde. De weekenden sliep de man uit en ging vaak vissen of beoefende een van zijn andere hobby’s.
Plots vroeg de oude man:” Weet je waarom ik altijd zoveel tijd neem om mijn bijl te verzorgen”. De jonge houthakker kon niet meer uitbrengen dan een lichte kreun. De oude man vervolgde zijn woorden:” Als de bijl scherp is, kan ik hem elke dag maximaal gebruiken en met zo min mogelijk kracht de bomen vellen. Als de steel glad is, heb ik geen last van splinters en dus geen blaren”. Een stilte volgde. “Hetzelfde geldt voor mijn lichaam. Als ik elke dag geniet van mijn pauze en voldoende eet kom ik weer op krachten om daarna weer volledig te presteren. Als ik in het weekeinde uitrust ben ik weer fit en kan ik de volgende week weer genieten van mijn werk”.  Er volgde weer een stilte, waarna de man zijn woorden vervolgde: “Jij slijpt je bijl niet en werkt je elke dag kapot, je rust niet uit en denkt voldoende te hebben aan een karig ontbijt”.

Het kwartje viel. De jonge man kon zijn productie halen als hij ervoor zorgde dat zijn bijl scherp was én daarbij was hij zijn eigen gereedschap. Als hij ervoor zorgde dat hij uitrustte, ontspande en voldoende at was zijn lichaam sterk genoeg om nog jaren bomen te kappen.
Wat voor een houthakker ben jij?

 

disclaimer & privacystatement • © 2012 • created by studiomedes.nl • alle rechten voorbehouden

 
 
 

Agressie trainingen speciaal voor:
Deurwaarders
Brandweer